In het dashboard Onderwijs-Arbeidsmarkt Technologie is er speciale aandacht voor de (onderwijs)loopbanen van mannen en vrouwen. Binnen het thema havo/vwo zijn data verzameld om antwoord te vinden op de volgende vragen: kiezen jongens of meiden vaker voor een bètatechnisch profiel op havo en vwo? In welke verhoudingen/ratio’s jongens en meiden resulteert dat in de klas? Hoe zit het met doorstroom naar bètatechnische opleidingen in het hoger onderwijs? En wat zeggen de trends van de afgelopen tien jaar?
De onderwijsdata worden jaarlijks geüpdatet. Het betreft hier een update van 26 juni 2025.
M/V: aandeel havo/vwo-leerlingen met N-profiel (4e leerjaar) | Waar in 2014/15 jongens beduidend vaker kozen voor een Natuur en Gezondheid en/of Natuur en Techniek (N-profiel) dan meiden (55% tegenover 46%), is dat in 2024/25 niet meer het geval: 47% van de meiden en 45% van de jongens kiest voor bètatechniek. Wanneer je de trends over tien jaar bekijkt, is het aandeel meiden met een N-profiel toegenomen met 1 procentpunt, en bij jongens afgenomen met 10 procentpunt.
Op de havo is het aandeel meiden dat kiest voor een N-profiel voor het eerst hoger in 2024/25 dan het aandeel jongens (37% versus 35%). In de afgelopen tien jaar gaat het om een afname van 1 procentpunt bij meiden, en een afname van 12 procentpunt bij jongens.
Op het vwo is het aandeel meiden dat kiest voor een N-profiel eveneens hoger (61%) dan het aandeel jongens (59%) dat kiest voor een N-profiel. Bekeken over een tijdsbestek van tien jaar vond op het vwo een stijging plaats van 3 procentpunt van het aandeel meiden dat kiest voor een N-profiel, tegenover een afname van 7 procentpunt bij de jongens.
Ratio m/v havo/vwo-leerlingen met N-profiel (4e leerjaar) | De verhouding van aantallen jongens en meiden in de bètatechnische profielen in het vierde leerjaar van de havo en het vwo tezamen, is vrij goed in balans. Deze trend is terug te zien over de afgelopen tien jaar, waarbij wel zichtbaar is dat meiden over de tijd iets sterker vertegenwoordigd raken. In 2014/15 bestonden de klassen van de natuurprofielen gemiddeld uit 47% meiden, tegenover 53% jongens. In 2024/25 bestaat de verdeling van het aantal havo/vwo-leerlingen met een bètatechnisch profiel uit 52% meiden en 48% jongens.
Op de havo zijn in 2024/25 de meiden en de jongens met een N-profiel ongeveer evenveel vertegenwoordigd, met een ratio van 51% meiden om 49% jongens. Tien jaar geleden waren in het vierde leerjaar de jongens juist in de meerderheid in de natuurprofielen: 55% jongens om 45% meiden.
Wanneer je kijkt naar de verdeling van jongens en meiden met een N-profiel in het vierde leerjaar van het vwo, dan zijn de meiden in 2024/25 licht in de meerderheid: 53% meiden tegenover 47% jongens. In 2014/15 lag de verhouding op 49% meiden en 51% jongens.
M/V: doorstroom havo/vwo-leerlingen met N-profiel naar bètatechnische opleiding in ho | Jongens stromen vanuit havo/vwo vaker door naar een bètatechnische opleiding in het hoger onderwijs dan meiden. Van de havo/vwo gediplomeerden met een N-profiel in 2023/24 gaat het om 70% van de jongens tegenover 38% van de meiden. Van alle havo/vwo gediplomeerden in totaal (het filter ‘Profiel’ ingesteld op ‘Alle’) in 2023/24 stroomt 41% van de jongens door naar een bètatechnische opleiding, tegenover 20% van de meiden. Van degenen die diplomeren met een maatschappijprofiel (‘Profiel’ ingesteld op ‘Maatschappij’) stromen jongens ook vaker door naar bètatechnisch hoger onderwijs dan meiden (15% van de jongens tegenover 5% van de meiden).
Op de havo is het verschil in studiekeuze voor bètatechniek tussen jongens en meiden groter dan op het vwo. 67% van de jongens die een havo-diploma met een N-profiel haalt (in 2023/24), stroomt door naar een bètatechnische opleiding in het hoger onderwijs. Dit geldt voor 27% van de meiden met een N-profiel. 73% van de jongens die een vwo-diploma met een N-profiel haalt (in 2023/24) kiest voor een bètatechnische opleiding in het ho. Bij meiden is dat aandeel 47%.
Ratio m/v havo/vwo-leerlingen met N-profiel die doorstromen naar een bètatechnische opleiding in het ho | Van de gediplomeerden met een N-profiel die vanuit havo/vwo naar een bètatechnische opleiding in het hoger onderwijs doorstromen, bestaat het merendeel uit jongens als je kijkt naar aantallen. Van de gediplomeerden in 2023/24 gaat het om een ratio van 63% jongens tegenover 37% meiden. De verhouding is de afgelopen tien jaar wel naar elkaar toegegroeid. In 2013/14 lag de verhouding op 32% meiden tegenover 68% jongens.
Met name vanuit de havo is geslacht een grote factor bij doorstroom naar bètatechnisch hoger onderwijs. Bij de gediplomeerden in 2023/24 (N-profiel) bestaat de ratio uit 31% meiden en 69% jongens.
Ook na het behalen van een vwo-diploma met N-profiel, zijn meiden in de minderheid bij het absolute aantal doorstromers naar bètatechnische opleidingen. Dit verschil is echter minder groot dan vanuit de havo. Bij de gediplomeerden in 2023/24 bestaat de ratio uit 40% meiden en 60% jongens.