In het dashboard Onderwijs-Arbeidsmarkt Technologie is er extra aandacht voor de keuzes die mannen en vrouwen maken in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Binnen het thema arbeidsmarkt zijn data verzameld om antwoord te geven op de volgende vragen: welk deel van de mannen en welk deel van de vrouwen die actief zijn op de arbeidsmarkt, hebben een technologisch beroep? In welke verhouding resulteert dat, en hoe zit dat per technologische sector? Wat zijn de vaak voorkomende technologische beroepen, beroepsgroepen, en opleidingen, uitgesplitst naar geslacht?
De arbeidsmarktdata worden jaarlijks geüpdatet. Het betreft hier een update van december 2025.
Ontwikkeling aantal m/v met een technologisch beroep | Zowel het aantal mannen als vrouwen met een technologisch beroep groeit. Relatief groeit de groep vrouwen met een technologisch beroep harder dan de groep mannen met een technologisch beroep. Het aantal vrouwen met een technologisch beroep is toegenomen van 188.000 in 2013 naar 316.000 in 2024. Dit is een toename van 68%. Het aantal mannen met een technologisch beroep (zie filter “Geslacht”) is met 22% toegenomen van 1.301.000 in 2013 naar 1.592.000 in 2024. Het laatste jaar is echter het aantal vrouwen met een technisch beroep met 1.000 toegenomen, terwijl dat bij de mannen is gestegen met 46.000.
Als we kijken naar drie verschillende beroepscategorieën (filter “Technologisch beroep”), is te zien dat het aantal mannen en vrouwen met een ICT-beroep het sterkst is gegroeid sinds 2013. Het aantal vrouwen met een ICT-beroep is in de periode 2013-2024 toegenomen van 39.000 naar 90.000 (+131%). Voor mannen geldt een toename van 243.000 tot 457.000 (+88%). De laatste twee jaar is het aantal vrouwen met een ICT-beroep echter wel wat gedaald, terwijl dat bij mannen ongeveer gelijk is gebleven.
In de categorie overige technische beroepen is het aantal vrouwen toegenomen van 106.000 in 2013 naar 169.000 in 2024 (+59%). Het aantal mannen in deze categorie is gestegen met +33%, van 427.000 naar 569.000. Bij overige technische beroepsgroepen worden bijvoorbeeld ingenieurs, werktuigbouwkundigen en procesoperators meegerekend. In de CBS-maatwerktabel zijn de beroepsgroepen binnen elke categorie te vinden.
Het aantal vrouwen met een beroep in de categorie technisch ambacht steeg van 44.000 in 2013 naar 61.000 in 2019, maar daalde daarna tot 57.000. Netto is dat een toename van +30% tussen 2013 en 2024. Bij mannen gaat het om een daling van 631.000 in 2013 naar 566.000 in 2024 (-10%). Onder technische ambachten vallen onder meer de beroepsgroepen automonteurs, bouwarbeiders, stratenmakers, timmerlieden, stukadoors, loodgieters, lassers, machinemonteurs, metaalbewerkers en elektriciens (zie voor een complete lijst de CBS-maatwerktabel). Dit betreft beroepsgroepen met een ernstig tekort aan personeel.1
1. Zie voor de meest actuele cijfers over krapte per beroepsgroep de website van het UWV op Dashboard Spanningsindicator (werk.nl)
Ontwikkeling aandeel m/v met technologische beroepen |
Mannen hebben vaker een technologisch beroep dan vrouwen (zie filter “Geslacht”). In 2024 heeft 7% van alle vrouwen met een betaalde baan een technologisch beroep, tegenover 31% van de mannen. Sinds 2013 is zowel het aandeel vrouwen als het aandeel mannen met een technologisch beroep toegenomen. In 2013 was het aandeel vrouwen met een technologisch beroep 5%, en het aandeel mannen 29%. Het laatste jaar is het percentage mannen met een technologisch beroep toegenomen van 30% naar 31%, maar bij vrouwen is het gelijk gebleven op 7%.
Bij vrouwen is in 2024 het aandeel met een technologisch beroep het hoogst onder de hbo/wo-opgeleiden, 8%. Onder middelbaar opgeleide vrouwen is het aandeel het laagst; 5%. 7% van de werkende basisopgeleide vrouwen heeft een technologisch beroep. Bij werkende vrouwen van alle opleidingsniveaus is in de periode 2013 tot en met 2024 sprake van een stijging in het aandeel met een technologisch beroep.
Bij mannen hebben juist de middelbaar- en basisopgeleiden het vaakst een technologisch beroep, 32% van de werkenden. Bij mannen met een hbo/wo-opleidingsniveau is het percentage 28%. Het aandeel mannen met een technologisch beroep is over de jaren toegenomen bij de hbo/wo-opgeleiden (het laatste jaar echter met 1 procentpunt gedaald). Van basis- en middelbaaropgeleide mannen is het aandeel met een technologisch beroep ongeveer gelijk gebleven sinds 2013.
M/V: Ratio werkenden met technologisch beroep | In de periode 2013 tot 2024 is het aantal vrouwen met technologische beroepen relatief sneller gestegen dan het aantal mannen. Hierdoor is in technologische beroepen de ratio mannen en vrouwen aan het verschuiven. Waar vrouwen in 2013 12,6% vertegenwoordigden van de personen met een technologisch beroep, is dat in 2024 16,6%. In het laatste jaar is het aandeel vrouwen met 0,3 procentpunt afgenomen van 16,9% in 2023 tot 16,6% in 2024.
In 2024 zijn vrouwen sterker vertegenwoordigd onder hbo/wo-opgeleiden met een technologisch beroep (23,5% v) dan onder middelbaar- (10,8% v) en basisopgeleiden (14,2% v) met een technologisch beroep. In 2013 was dit patroon hetzelfde. Wel is sindsdien, bij alle opleidingsniveaus, een toename zichtbaar van de vertegenwoordiging van vrouwen in technologische beroepen. Het laatste jaar is echter het aandeel vrouwen onder middelbaar opgeleide technici afgenomen (van 12,2% v naar 10,8% v). Onder basisopgeleide technici is het aandeel zeer licht gedaald (14,4% v naar 14,2% v). Hbo/wo-opgeleide technici kenden juist een toename van de vertegenwoordiging van vrouwen (22,6% in 2023 en 23,5% in 2024).
M/V: Werkloosheid technologisch opgeleiden | Vrouwen met een technologische opleidingsachtergrond zijn vaker werkloos dan mannen met een technologische opleidingsachtergrond. In 2024 is 2,5% van de technologisch opgeleide mannen werkloos, tegenover 4,5% van de technologisch opgeleide vrouwen. Deze percentages liggen verder uit elkaar dan de werkloosheidspercentages in de totale beroepsbevolking, waar 3,5% van de mannen en 3,8% van de vrouwen werkloos is in 2024.1 Het werkloosheidspercentage van mannen met een technologische opleidingsachtergrond is dus veel lager dan het gemiddelde van alle mannen, terwijl het werkloosheidspercentage van technologisch opgeleide vrouwen juist hoger is dan gemiddeld van alle vrouwen.
De werkloosheid onder personen met een technologische opleidingsachtergrond is de afgelopen jaren flink gedaald. In 2013 was 6,3% van de mannen en 10,0% van de vrouwen met een technologische opleidingsachtergrond werkloos. Deze daling is over alle opleidingsniveaus en in alle leeftijdscategorieën zichtbaar. De laatste jaren stabiliseert het aandeel werklozen wel en lijkt het bij de mannen licht toe te nemen. Dit is in lijn met de werkloosheidstrend van de totale beroepsbevolking van mannen en vrouwen.
De werkloosheid is het laagst onder mannen en vrouwen met een technologische opleiding op middelbaar niveau; respectievelijk 2,0% en 3,1%. Onder de hbo/wo-opgeleiden is 2,9% van de mannen en 4,7% van de vrouwen met een technologische opleidingsachtergrond werkloos. Onder de basisopgeleiden is de werkloosheid (van vrouwen) het hoogst; in 2024 zijn er echter onvoldoende data voor een schatting. Data van 2023 gaven een werkloosheid van 7,1% van de vrouwen aan. In 2024 is 3,1% van de mannen met een technologische basisopleidingsachtergrond werkloos.
In de leeftijdscategorie 55 jaar en ouder is het verschil in werkloosheid tussen mannen en vrouwen met een technologische opleidingsachtergrond het kleinst: zowel 2,0% van de mannen als 2,0% van de vrouwen is in 2024 werkloos.
1. Bron: CBS Statline. Arbeidsdeelname. Via StatLine - Arbeidsdeelname; kerncijfers
M/V: Ratio technologische beroepen per sector | Mannen met technologische beroepen zijn in alle technologische sectoren sterk in de meerderheid. In de meeste sectoren is minder dan een op de vijf personen met een technologisch beroep vrouw, met uitzondering van de Voedingsindustrie. Vrouwen met een technologisch beroep zijn het meest vertegenwoordigd in de sectoren Voedingsindustrie (28% v/72% m), Chemische industrie (16% v/84% m) en Overige industrie (15% v/85% m). Mannen met een technologisch beroep zijn het sterkst vertegenwoordigd in de sectoren Bouw (3% v/97% m), Metaalindustrie (8% v/92% m) en Energie (9% v/91% m).
De vertegenwoordiging van vrouwen in de Voedings- en Chemische industrie is het hoogst in de leeftijdsgroep jonger dan 35 jaar. Binnen deze leeftijdscategorie is in de Voedingsindustrie 37% vrouw (t.o.v. 63% man), en in de Chemische industrie 22% vrouw (t.o.v. 78% man). In de andere twee leeftijdscategorieën (35 t/m 54 jaar en 55 jaar en ouder) is de vertegenwoordiging van vrouwen een stuk lager.
In de periode 2013-2024 is de vertegenwoordiging van vrouwen in de technologische beroepen van de meeste technologische sectoren toegenomen. Bijvoorbeeld in de sectoren Chemische industrie (van 10% naar 16%), ICT (van 8% naar 11%) en Energie (van 6% naar 9%). Alleen in de sector Overige industrie is de vertegenwoordiging van vrouwen (in technologische beroepen) licht afgenomen, van 19% naar 15%.
Verdeling technologische banen per technologische sector, naar geslacht | Mannen en vrouwen met een technologisch beroep, komen in verschillende technologische sectoren terecht (zie filter “Geslacht”). In deze diagram is de verdeling te zien van personen met technologische beroepen over de verschillende technologische sectoren. Hierbij is de niet-technologische sector buiten beschouwing gelaten.
Mannen met een technologisch beroep -in een technologische sector- werken in 2024 overwegend in de sectoren Bouw (34%), ICT (20%) en Metaalindustrie (18%). Vrouwen werken juist overwegend in de sectoren ICT (23%), Overige industrie (18%) en Voedingsindustrie (17%).
Onder de hbo/wo-opgeleiden met een technologisch beroep is het verschil (m/v) in verdeling tussen de sectoren het kleinst. Veruit het grootste deel van zowel vrouwen als mannen werkt in de ICT-sector: 41% van de vrouwen en 43% van de mannen. De Metaalindustrie komt op de tweede plek. 22% van de hbo/wo-opgeleide mannen en 12% van de hbo/wo-opgeleide vrouwen met een technologisch beroep werken in deze technologische sector.
Op het middelbaar en basis opleidingsniveau zijn grotere verschillen zichtbaar. Onder de basisopgeleiden werken de vrouwen het vaakst in de Overige industrie (33%) en de Voedingsindustrie (29%), terwijl de mannen het vaakst in de Bouw (48%) en in de Metaalindustrie (17%) werken. Onder de middelbaar opgeleiden met een technologisch beroep werken de meeste vrouwen in de Overige industrie (21%) en Voedingsindustrie (18%). De meeste mannen werken wederom in de Bouw (38%) en de Metaalindustrie (17%).
De meest voorkomende technische beroepen | De top-7 technologische beroepen waarin mannen en vrouwen het vaakst werken, kent overeenkomsten en verschillen (zie filter “Geslacht”). De twee grootste technologische beroepsgroepen waarin vrouwen werken, zijn hetzelfde als de top-twee van mannen: software- en applicatieontwikkelaars en ingenieurs (geen elektrotechniek).
In de nummers drie tot en met zeven, zijn er tussen mannen en vrouwen ook twee overlappende beroepsgroepen: databank- en netwerkspecialisten en technici bouwkunde en natuur. De overige drie beroepsgroepen zijn verschillend. Mannen met een technologisch beroep zijn naast de genoemde beroepsgroepen ook vaak elektricien/elektronicamonteur, timmerman of productieleider industrie en bouw. Vrouwen met een technologisch beroep zijn juist vaak een hulpkracht in de bouw of industrie, architect of bioloog/natuurwetenschapper.
Over de jaren heen is opvallend dat de beroepsgroep software- en applicatieontwikkelaars een steeds groter deel uitmaakt van de personen met technologische beroepen. Dit geldt voor zowel mannen als vrouwen. In 2013 ging het om 11% van de mannen en 11% van de vrouwen met een technologisch beroep. In 2024 gaat het respectievelijk om 20% (m) en 18% (v).
M/V: ranking technologische beroepen naar beroepsgroep | Uit CBS statline hebben we aanvullende data geanalyseerd wat betreft beroepsgroepen.1 Vrouwen die een technologisch beroep hebben, werken in 2024 het vaakst als software- en applicatieontwikkelaars (56.000) of als ingenieurs (geen elektrotechniek) (32.000). Daarnaast werken ze ook vaak als bioloog of natuurwetenschapper (27.000), hulpkracht bouw en industrie (25.000 vrouwen), architect (25.000) en als technici bouwkunde en natuur (22.000). Gezamenlijk vertegenwoordigen deze zes beroepsgroepen in 2024 59% van alle vrouwen met een technologisch beroep.2
Mannen werken ook het vaakst als software- en applicatieontwikkelaars (318.000), en als ingenieurs (geen elektrotechniek) (139.000). Ook werken mannen vaak als technici bouwkunde en natuur (102.000 mannen), elektriciens en elektronicamonteurs (91.000), productieleiders industrie en bouw (82.000) en databank- en netwerkspecialisten (78.000). Gezamenlijk vertegenwoordigen deze zes beroepsgroepen 51% van alle mannen met een technologisch beroep.3
1. Bron: CBS Statline. Werkzame beroepsbevolking; beroep. Via StatLine - Werkzame beroepsbevolking; beroep (cbs.nl)
2. Zie het CBS maatwerk-arbeidsdeelname van technici 2013-2024.
3. Zie het CBS maatwerk arbeidsdeelname van technici 2013-2024.
M/V ratio ranking technologische beroepen | Wat is de verhouding mannen/vrouwen in individuele technologische beroepsgroepen? In welke beroepsgroepen zijn vrouwen of juist mannen het meest vertegenwoordigd? Net als voorgaande tabel, zijn deze aanvullende data afkomstig uit CBS statline.1
In 2024 zijn binnen alle geanalyseerde technologische beroepsgroepen de mannen in de meerderheid (in absolute aantallen). Technologische beroepsgroepen waar vrouwen relatief het meest zijn vertegenwoordigd, zijn hulpkrachten bouw & industrie (45% v/55% m), biologen & natuurwetenschappers (39% v/61% m), architecten (36% v/64% m), medewerkers drukkerij & kunstnijverheid (35% v/65% m) en productcontroleurs (33% v/67% m).
In veel technologische beroepsgroepen zijn mannen sterk in de meerderheid. Beroepsgroepen waarbij 90% of meer man is, zijn timmerlieden (99% m), bouwarbeiders afbouw (98% m), loodgieters & pijpfitters (97% m), metaalbewerkers & constructiewerkers (97% m), machinemonteurs (97% m), lassers & plaatwerkers (96% m), elektriciens & elektronicamonteurs (96% m), procesoperators (95% m), bouwarbeiders ruwbouw (95% m), automonteurs (94% m), elektrotechnisch ingenieurs (93% m), schilders & metaalspuiters (93% m) en productieleiders industrie & bouw (90% m).
1. Bron: CBS Statline. Werkzame beroepsbevolking; beroep. Via StatLine - Werkzame beroepsbevolking; beroep (cbs.nl)
Vaak voorkomende opleidingen van technici naar geslacht | Mannen met technologische beroepen hebben vaak een technologische opleiding gevolgd. Vrouwen met technologische beroepen hebben meer diverse opleidingsachtergronden.
De opleidingsachtergrond van mannen met technologische beroepen is het vaakst een studie richting techniek, industrie en bouwkunde (41%). In aanvullende data over subrichtingen binnen het onderwijs (gebundelde jaren 2019-20241 blijkt dat de meest voorkomende opleidingsrichtingen onder mannen in technologische beroepen bouwkunde & civiele techniek, elektro- & energietechniek en werktuigbouwkunde & metaalbewerking zijn. Van alle mannen met een technologisch beroep, heeft 28% een van deze opleidingsrichtingen gevolgd.
De opleidingsachtergrond van vrouwen met technologische beroepen is gevarieerder. Vaak zijn vrouwen met een technologisch beroep algemeen opgeleid (17%), of hebben een studie richting techniek, industrie en bouwkunde afgerond (17%) of richting recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening (15%). Uit analyse van deze onderwijsrichtingen kan worden afgeleid dat binnen de categorie recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening de vrouwen met technologische beroepen vaak een opleiding in de richting van management bedrijfs- & personeelswetenschappen hebben gevolgd. Binnen de groep vrouwen met een technologisch beroep die een opleidingsachtergrond in techniek, industrie en bouwkunde heeft, komen de studierichtingen bouwkunde & civiele techniek, scheikundige technologie & procestechniek en architectuur & stedenbouwkunde het meest voor.
Daarnaast is het vermelden waard dat vrouwen met technologische beroepen ook regelmatig studies in de richting van software & systeemanalyse, secretariële & administratieve ondersteuning, audiovisuele techniek & mediaproductie, biochemie en groothandel & detailhandel hebben gevolgd.
1. Waar data van de hoofdrichtingen gebaseerd zijn op meetjaar 2024 van de Enquête Beroepsbevolking (EBB), representeren subrichtingen het gemiddelde van meetjaar 2019-2024 van de EBB. Subrichtingen kunnen vanwege kleine aantallen alleen berekend worden als een aantal jaren tegelijk geanalyseerd worden.