Logo Platform Talent voor Technologie

Trends man/vrouw in het onderwijs - update 2025

Jaarlijkse update van de onderwijscijfers van het Dashboard Onderwijs & Arbeidsmarkt Technologie. Hier de ontwikkelingen ten aanzien van mannen/vrouwen.

De verhouding tussen meiden en jongens binnen het technologisch onderwijs verandert. Dit gaat gestaag. Waar vrouwen in de techniek voorheen vaak in de minderheid waren, neemt de vertegenwoordiging in een aantal richtingen toe. Het afgelopen jaar zien we dat terug in een aantal cijfers. Toch zien we ook dat deze trend niet overal doorzet, en de vertegenwoordiging van vrouwen in bepaalde technische studies nog erg laag is. Opvallend is dat nu op de havo meiden vaker dan jongens kiezen voor een natuurprofiel. Dit was op het vwo vorig jaar al het geval. Ook op het hbo is afgelopen jaar de vertegenwoordiging van vrouwen bij de instroom in technologische opleidingen iets toegenomen. 

Voortgezet onderwijs en doorstroom naar vervolgonderwijs

  • In het vmbo blijven meiden ondervertegenwoordigd in de technische richtingen. In 2024/25 volgt 6% van de meiden en 34% van de jongens in het derde jaar van het beroepsgericht vmbo een technisch profiel. Het jaar ervoor ging het om 6% van de meiden en 33% van de jongens; hierdoor is de vertegenwoordiging van meiden in technische profielen iets lager, 13% ten opzichte van 14% in 2023/24.
  • 43% van de jongens in vmbo-g/t diplomeert met NaSk, tegenover 23% van de meiden. Het laatste jaar is de verhouding ongewijzigd (35% m/65% j).
  • Na het behalen van een vmbo-diploma, kiest 47% van de jongens voor een technische mbo-opleiding, tegenover 9% van de meiden. De doorstroom van vmbo naar technisch mbo bestaat daarmee ongewijzigd uit 16% meiden en 84% jongens.
  • Op de havo kiezen meiden (37%) voor het eerst meer dan jongens (35%) voor een natuurprofiel. Op het vwo was dit vorig jaar al het geval, de percentages voor dit jaar zijn: meiden 61% en jongens 59%.
  • Het aandeel havo-gediplomeerden met een natuurprofiel dat doorstroomt naar bètatechnisch hoger onderwijs is bij jongens 67% en bij meiden 27%. Beide percentages zijn het afgelopen jaar met 1 procentpunt gedaald. Wel zijn meiden sterker vertegenwoordigd geraakt bij de doorstroom naar bètatechnisch hoger onderwijs, 31% ten opzichte van 29% in het jaar ervoor.
  • Op het vwo zijn de percentages voor meiden en jongens respectievelijk 47% en 73%. Beide percentages zijn het afgelopen jaar met 1 procentpunt gestegen. Binnen de doorstroom naar bètatechnisch hoger onderwijs is 40% vrouw, hetzelfde als het jaar ervoor.

Mbo

  • Binnen het mbo kiezen vrouwen nog altijd minder vaak voor een bètatechnische opleiding dan mannen (9% vs 45%). De verhouding tussen mannen en vrouwen in de bètatechnische instroom bestaat dit jaar voor 84% uit mannen en 16% uit vrouwen en is daarmee ongewijzigd in het laatste jaar.
  • Vrouwen die voor een technische mbo-studie kiezen, gaan vaak voor opleidingen in het domein media en vormgeving. Mannen kiezen vaker voor diverse domeinen, met de meeste voorkeur voor techniek & procesindustrie, gevolgd door ICT en bouw & infra.

Hoger onderwijs

  • In het hbo is de vertegenwoordiging van vrouwen bij de instroom in bètatechnische opleidingen afgelopen jaar licht toegenomen (van 29% naar 30%). In het wo is het percentage ook met 1 procentpunt gestegen tot 43%.
  • Vrouwen die voor een bètatechnische studie in het hbo kiezen, gaan vaak voor biologie & medisch laboratoriumonderzoek, communication & multimedia design of bouwkunde. Mannen kiezen het vaakst voor hbo-ict, werktuigbouwkunde, technische bedrijfskunde of bouwkunde.
  • In het wo kiezen vrouwen het meest voor liberal arts & sciences, biologie, biomedische wetenschappen en bouwkunde, terwijl mannen het vaakst kiezen voor werktuigbouwkunde, technische informatica en electrical engineering.

Leraren

  • In de instroom van bètatechnische lerarenopleidingen zijn mannen licht in de meerderheid, een percentage dat afgelopen jaar iets is gestegen (van 57% naar 58%).
  • Het percentage bètatechnische lesuren verzorgd door vrouwen is de afgelopen vijftien jaar flink toegenomen van (26% naar 39%), maar is het laatste jaar gelijk gebleven op 39%.

Bekijk ook:
Trends per onderwijssoort - update 2025
Trends lerarenopleidingen – update 2025